Draaihals, wendehals, mythologie, Jynx torquilla.

Naam verklaring, zie onder.

 

 Jynx torquilla L (gedraaid)

 

Naam.

De wendehals, draaihals, draainekke of mierenjager heet in Duits Wendehals, in Engels wryneck en in Frans torcol fourmillier. De draaihals sist soms als een slang, daarom heet het op vele plaatsen in Duitsland wel Natterwendel. De Spanjaarden noemen de vogel ‘formiguero; dat is mierenvogel, zijn voedsel. Hij komt wat eerder dan de koekoek en heet zo cuckoo’s mate of cuckoo’s messenger.

 

Uit Martinet.

 

Vorm.

Klein vogeltje ter grootte van een vink. De draaihals is op de bovenzijde asgrauw gekleurd en met fijne, donkerder golflijnen en stippels bezet. De onderzijde is wit en met wijd uitstaande, donkere driehoekige vlekken getekend. De keel en de onderhals zijn op gele grond met dwarse golflijnen voorzien. Een zwartachtige, overlangse streep strekt zich van de kruin tot aan het onderste gedeelte van de rug uit. Voor het overige bestaat de tekening van de bovendelen uit zwartachtige roestbruine en lichtbruine vlekken. De ogen zijn geelbruin, de snavel en de poten groengeel. Totale lengte is achttien cm en de staartlengte is zes en een halve cm.

De draaihals komt hier zelden voor, meer richting Middellandse Zeegebied. Binnen zijn gebied wordt hij, althans in de lente, gemakkelijk opgemerkt. Want zijn stem is zeer eigenaardig en valt nog meer op omdat het wijfje gewoon is het roepende mannetje geregeld te beantwoorden. Als men afgaat op ‘t geluid ‘wie-ie ied wie-ie ied’, dat dikwijls een twintig maal achtereen weerklinkt zal men de vreemdsoortige vogel spoedig bemerken. Hij zit of op een boomtak, tegen een stam geplakt of op de grond en hier zowel als daar tamelijk rustig, hoewel niet volstrekt bewegingloos. Zodra hij bemerkt dat men naar hem kijkt rechtvaardigt hij tenminste zijn naam.

Hij behoort tot de spechtvogels. Ze hebben een apart en schril geluid dat als ‘peel, peel,’ klinkt wat misschien de aanleiding heeft gegeven tot de naam peel-bird. Komt uit Europa en overwinter in tropisch Afrika.

                                                                                                                     

Draaihals.

Verbazingwekkend is de lenigheid van zijn hals. Elk ongewoon verschijnsel noopt hem tot het maken van gebaren en die worden des te doller hoe meer de vogel door een of andere oorzaak bevreesd is geworden. Dikwijls rekt hij de hals lang uit en zet de veren van de kop tot een kuif omhoog en spreidt de staart waaiervormig uit terwijl hij ondertussen herhaaldelijk langzame buigingen maakt. Soms strekt hij het hele lichaam en buigt het vooral als hij boos is langzaam naar voren en verdraait de ogen en de keel als een boomkikker terwijl hij een zonderling dof gegorgel laat horen. Met opgerichte kopveren en half gesloten ogen rekt hij de hals tot een buitengewone lengte uit en draait hem als een slang zeer langzaam zodat de kop verscheidene malen een cirkel beschrijft en de snavel nu eens naar voren dan weer naar achteren gedraaid is.

 

Broeden.

Hij stelt geen hoge eisen aan zijn hol, als de opening maar niet zo groot is dat zijn vijanden er niet in kunnen. In mei legt het wijfje zeven a twaalf kleine en stomp eindigende, zuiver witte eieren. Die worden een veertien dagen lang meestal alleen door haar gebroed. De jongen groeien snel. Ook hier is de kraamkamer even smerig als die van de hop.

 

Bestiarium.

‘Men zegt dat de Griekse filosofen menen dat Eryn­gium (zeedistel) zoveel betekent als een oprisping. Omdat de geit die de takken ervan heeft afgebeten en ingeslikt de hele kudde laat stilstaan alsof zij verbaasd waren en zolang blijven zij staan tot zij door een oprisping het Eryngium weer uitgeworpen heeft".

Naar andere verklaringen is Eryngium een Griekse woord voor lucht en een vogelnaam, de wendehals, die ze naar zijn geroep zo genoemd hadden.

Jynx was de dochter van Peitho en Pan, de dienares van Io,  die door tovermiddelen Zeus had doen ontbranden in liefde voor Io. Daarom veranderde Hera haar in een vogel die als tovermiddel gebruikt werd om liefde op te wekken. Men meende dat die vogel met bovennatuurlijke krachten begiftigd was en men die daarom gebruikte om iemand verliefd te maken door de vogel met poten en vleugels aan een rad met vier spaken vast te hechten en dat onder het uitspreken van een toverformulier te draaien. Jason zou dit middel van Aphrodite geleerd hebben en daarmee het hart van Medea gewonnen hebben. Op een draaitol gebonden en omgedraaid gold die als een liefdesmiddel, vooral om ontrouwe mannen terug te voeren. Dit jynx werd zo ook door anderen gebruikt met de hoop van hetzelfde gebruik. De naam Jynx betekent ook zoveel als liefdestoverij. Later dacht men dat ze gebruikt was door heksen en waarzeggerij en de naam Jynx kreeg de betekenis van toverformule of bezwering die bestemd was om kwaad aan te richten. Rond 1819 werd de naam Jinx in honkbalspelen in Amerika gebruikt waar het de naam kreeg van ongeluk te brengen, maar mogelijk heeft het een andere afleiding gehad.

De vogel duidt door zijn opvallende onrust en zenuwachtigheid op een zinnebeeld van hartstochtelijke liefde. Ook in de beeldende kunst komt ze voor als zinnebeeld van de loktaal der liefde, op vazen en stenen ziet men vaak een jongeling die zo’n vogel in de hand heeft en zich tot zijn uitverkorene wendt.

 

Eryngium heet hiernaar zoveel als windvogel of winddraaitol naar het spel dat de wind met de afgestorven plantendelen speelt, het is de werveldistel. Daarom is de zeedistel de oude mannentrouw, in het Duits Mannenstreu, hard ruw en stekelig, maar duurzaam in vorm en onveranderlijk van kleur. Door die vorm was het kruid vroeger het zinnebeeld van karaktersterkte. Vrouwen legden die in de bedde. 

 

Zie verder: http://www.volkoomen.nl/ en : http://volkoomenoudeherbariaenmedisch.nl/