17 juni, heiligen van de dag.

 

Uit www.allmercifulsavior.com

 

Klik hier voor inleiding heiligen met relikwieĎn, biecht, aflaat, chrisma, era of tijdsbepaling, weerspreuken, bloemen.

 

17,  (19) juni, H. Alena: Germaans Adalina, of een verkorting van Magdalena.

In de streek rondom Brussel is Alena een bekende heilige. Ze wordt vereerd te Vorst-Brussel en te Dilbeek, ten westen van Brussel. In Vorst, in de St. Denijskerk is een Alena tombe en -kapel.

Ze wordt beschouwd als een van de oudste heiligen van BelgiĎ en leefde in de 7de eeuw, rond 600 (vandaar mogelijk een Germaanse naam) en gestorven mogelijk in 640. Ze was de dochter van Bevold, (Levold) heer van Dilbeek, die de christenen vervolgde, en zijn vrouw Hildegaart. Ze maakte kennis met het christelijke geloof door en ging ‘s nachts naar Vorst om in het geloof te worden ingewijd. Daar woonde een christen, Amandus van Gent, die de nieuwe leer verkondigde, iedere nacht ging Alena door het woud dat Dilbeek van Vost scheidt om in deze laatste plaats de morgenvergaderingen bij te wonen. Hier stond een kapel die niet overlommerd was. Daarover was Alena zeer bedroefd. Eens stak zij haar wandelstaf in de aarde, vooraleer de kapel binnen te gaan. De dienst gedaan hebbende kwam ze naar buiten en vond dat haar staf bladeren en bloemen had gekregen. Het was een hazelaar geworden. Of, ze werd door de wachters van haar vader betrapt en meegevoerd. Daarbij hield ze zich krampachtig vast aan een boom, zodat de wachters haar arm afrukten, met haar dood tot gevolg. Een engel zou haar arm naar de abdij van Vorst overgebracht hebben en haar lichaam volgde. Maar toen een leenman van Bevold Alena aanriep en van blindheid genas, bekeerde Bevold zich samen met zijn vrouw Hildegard tot het christendom en stichtte een kerk te Dilbeek. Op Pinksteren van het jaar 1193 werd haar gebeente door abt Godschalk van Affigem plechtig verheven, wat gelijk stond met heilig verklaring. Ze ligt te Vorst begraven. Ze wordt afgebeeld in vorstelijke gewaden met een kroon op haar hoofd en soms met een zwaard die haar arm afhakte, de arm ligt meestal bij haar voeten of in haar andere hand. Vaak zie je naast haar de boomstronk waaraan ze zich vastklampte toen haar arm werd afgehakt. Ze wordt aangeroepen tegen oogziekten en tandpijn.

 Jaren geleden zag men de hazelaar nog staan op het kerkhof nevens de kerk. De gewijde boom werd zeer vereerd. Zijn stam was zo dik als een ton. Het was wellicht de grootste hazelaar in de wereld. De hazelnootjes werden zorgvuldig geplukt en in de kerk bewaard. Men verkocht ze aan de bedevaartgangers die naar Vorst kwamen om er de tandpijn te genezen, met de tanden kraakt men immers hazelnoten? Geen kind durfde nootjes van de gewijde hazelaar te plukken, geen vee mocht het gras van het kerkhof afgrazen.

Eens reed een jongeling voorbij de kapel van Vorst en zei: ‘Is dit de hazelaar wiens noten niemand durft aanraken?’ Hij stak zijn paard met de sporen, reed naar de boom en trok er enige vruchten af. In het naar huis keren werd hij geheel uitzinnig en zijn paard stierf onvoorzien. Dat bedroefde de ouders, maar door de voorspraak van de H. Alena werd de jongeling kort daarop weer gezond.

 

Uit www.newmanconnection.com

17 juni H. Adolf of Adulf: Germaans uit adel: ‘adel’, en wolf: ‘wolf’, edele wolf.

Adolf zou bisschop van Utrecht geweest zijn. Er bestaat een legendarische vita uit de 9de eeuw.

Hij is gestorven rond. 680. De relikwieĎn van de edele Sakser, St Adulf, werden gelijk met die van zijn broer, St. Botulp, door St. Ethelwold naar de Thorney Abbey gebracht rond 972 waar ze lang vereerd zijn geweeste. Omdat de hagiograaf Folcard waarschijnlijk fout is in de identificatie van Adulf als bisschop van Maastricht verklaart het dat de heilige vaak als bisschop vereerd wordt.

 

 

 

 

 

 

 

 

Uit kerhiec.blogspot.com

17 juni, H. Hervé (Harvey, Herveus, Huva): Franse, resp. Engelse vorm van Bretons haerveu = Germaans hardwig: hard: ‘sterk, stevig’, wig: ‘strijd’, sterk in de strijd. Of van oud-Bretons aer: ‘bloedbad’ (strijd?) en ‘waardig’.

Hij wordt door heet Bretagne vereerd, hoewel er weinig van hem bekend is, zijn leven werd pas na de middeleeuwen beschreven. Hij was een kluizenaar in Bretagne waar nog steeds  Hervé een populaire jongensnaam is.

Het verhaal gaat dat een jonge Britse bard met de naam Hyvarnion, pupil van St. Cadoc, aan het hof van Childebert leefde, koning van de Franken. Na een paar jaar wenste hij naar zijn land terug te gaan en ging naar Bretagne waar hij op een dag toen hij door het woud reed een jong meisje hoorde zingen. Dat zoete geluid maakte hem nieuwsgierig en hij stapte van zijn paard, ging lopend door het bos en in de zonneschijn zag hij een meisje die kruiden verzamelde. ‘Dit kruid’zei ze, ‘verdrijft droefheid, die blindheid en ik zoek naar een kruid dat de dood verdrijft’.  Hyvarnion vergat zijn thuisreis, hield van haar en trouwde met haar. Na drie jaar werd er een blinde zoon geboren en in hun zorgen noemde ze hem Hervé wat bitterheid betekent. Op zijn tweede stierf zijn vader zodat de moeder Rivanon en kind arm achtergelaten werden. In haar verdriet zong ze en hij groeide op met dichtkunst en zang. Toen hij zeven was vertrouwde ze hem toe aan een heilige man, Arthian en zij werd kluizenaarster. Het kind reisde door het veld al zingende en bedelende en werd begeleid door een hond die hij aan een touw vasthield. Tot op deze dagen zingen de Bretons een ballade van het blinde kind die geleid wordt door zijn hond zoals hij geteisterd wordt door wind en regen, zonder schoenen op blote voeten waardoor zijn tanden klapperen van de koude. Met goedkeuring van zijn moeder bezocht hij op zijn veertiende een oom die kluizenaar was en een klooster leidde in het bos van Plouvien. Hij stak in kennis met kop en schouders uit boven alle andere studenten. Bij de dood van zijn oom werd hij abt. Elke morgen kwamen de kinderen om van de blinde meester te leren en ’s avonds verlieten ze hem als ‘een zwerm bijen die uit een holle eik zoemen’. Hij leerde ze muziek en dichtkunst op de christelijke manier. ‘Als je wakker wordt, zei hij, open je hart voor God, maak het teken van het kruis en zeg met vertrouwen, hoop en liefde, ik geef je mijn hart, mijn lichaam en ziel. Als je een kraai ziet vliegen, denk aan de duivel, zwart en kwaad. Als je een duif ziet vliegen, denk aan je engel, sierlijk en wit. Denk aan God zoals de zon ervoor zorgt dat de wilde rozen op de bergen bloeien. Tegen de avond, als je naar bed gaat, zeg je gebed zodat een witte engel uit de hemel zal komen en je tot de ochtend beschermt. Doe dit en zing mijn liederen, dan zal je een heilig leven leidden.

Hervé werd vereerd vanwege zijn heiligheid en wonderen. De meest bijzondere verhaalt dat op een dag een wolf een ezel at terwijl hij aan het ploegen was. Het jonge kind dat hem begeleidde schreeuwde het uit in angst, op zijn gebed verschool de wolf zich in de ezel en hij maakte zijn werk af. Later besloot hij naar de gemeenschap te León te gaan waar de bisschop hem als priester wilde hebben wat hij weigerde. Vanuit León reisde de heilige groep westelijk. Naast de weg naar Lesneven is er de bron Saint Hervé die hij veroorzaakt zou hebben om de dorst van zijn metgezellen te laven. Eindelijk vestigden ze zich te Hervé waar ze een klooster bouwden te Lanhouarneau in FinistŹre, die een grote reputatie verwierf. Hier bleef hij de rest van zijn leven en maakte daaruit uitstapjes om te preken en als uitdrijver. Hij werd niet langer door een hond begeleid, maar door zijn kleine nicht Kristine die bij hem leefde die even blij als lieflijk was en voor hem zong als ze bloemen verzamelde voor het altaar. Toen zijn einde naderde zei hij tegen haar; ‘Maak mijn bed klaar, maar niet zoals gewoonlijk, maak het op de harde aarde voor het altaar aan de voeten van Jezus’. Huilende voerde ze zijn wens uit en zei; Mag ik je volgen zoals een boot die het schip volgt’. Toen de monniken bij het doodsbed waakten zouden ze de hemelse muziek gehoord hebben die hem verwelkomden in de hemel. Is ca 568 overleden.

Tot de Franse revolutie bezat een kapel bij Cleder in FinistŹre een bijzonder relikwie, het bedje waarin hij gewiegd werd. Zijn relikwieĎn liggen in de kathedraal te Nantes. In de kunst wordt hij afgebeeld als blinde abt die de kikkers aanmaant stil te zijn en wordt geleid door een wolf of zijn nicht. Hij wordt aangeroepen tegen oogziektes. Hij is schutspatroon van de volkszangers.

 

De gele maskerbloem, Mimulus luteus, is de bloem van zijn feestdag.

 

Zie verder: http://www.volkoomen.nl/ en : http://volkoomenoudeherbariaenmedisch.nl/