4 november, heiligen van de dag.

 

 Uit www.cbsisters.org

 

Klik hier voor inleiding heiligen met relikwieĎn, biecht, aflaat, chrisma, era of tijdsbepaling, weerspreuken, bloemen.

 

4 november, H. (H. Karel) Carolus Borromeus (Borromaeus; eigenlijk Carlo Borromeo): Germaans, hetzelfde woord als in Nederlands kerel, het betekent ‘vrije man’ (die niet van adel was) Carolus is de Latijnse vorm. De naam kwam in vele vorstenhuizen voor, vandaar dat de vele Karel’s bijnamen hadden, de grote, de dikke, de kale en dergelijke De vrouwelijke vorm Charlotte is ook van vorstelijke afkomst en werd het eerst gegeven aan Charlotte van Savoye, de vrouw van Lodewijk XI van Frankrijk.

Hij werd geboren op 2 oktober 1538 uit een adellijke geslacht Borromeo te Arona in Noord ItaliĎ. Zoon van graaf Gilberto Borromeo en Margarete de Medici, de zuster van paus Pius IV. Van zijn jeugd af aan voelde hij zich geroepen tot de geestelijke stand. Als 12 jarige knaap bekleedde hij een kerkelijke betrekking, zonder verplichtingen echter aan het klooster aan het Lago Maggiore wat hem een riant inkomen verzorgde voor de prijs van een bezoek per jaar. Al gauw besefte hij dat dat niet deugde en stelde zijn geld ter beschikking van de armen. Studeerde in Pavia rechten en verkreeg in 1559 de doctorale waardigheid. Hierna werd hij door zijn oom paus Pius IV in 1560 achtereenvolgens aangesteld tot protonotarus, referendaris, kardinaal en aartsbisschop van Milaan en kreeg tal van andere functies. Na de dood van zijn oudere broer, die kinderloos gebleven was, werd er van de kant van de familie en zelfs van de paus er op aangedrongen dat hij zou trouwen. Hij beschouwde dit als een verzoeking en wijdde zich met des te grondiger ijver aan de dienst van de Kerk. Daarom ontving hij in 1563 in het geheim de priesterwijding en leidde een streng ascetisch leven. Na de dood van Pius IV in 1565 bevorderde hij de verkiezing van Pius V omdat hij die hoogschatte wegens een onberispelijke wandel en vrome zin. Vooral zorgde hij voor onderricht van de jeugd en de vorming van de Clerus. Hij beijverde zich voor de afsluiting van het concilie van Trente en voor de uitvoering van de decreten daarvan in de Catechismus Romanus die grotendeels van hem afkomstig is. Hij hield, tot uitvoering daarvan, als pauselijk legaat een synode te Milaan in 1565. Hier voelde hij de noodzakelijkheid om zijn aartsbisdom niet langer uit Rome te besturen, maar vanuit Milaan waar veel ongeregeldheden waren ontstaan door de vele jaren afwezigheid van aartsbisschoppen. Dit diocees had al 80 jaar geen regerende heer meer gehad, wel echter afwisselend drie Spaanse en Franse koningen verdragen. Hongersnood en pest hadden gruwelijk gewoed. De kerken dienden als voorraadschuren, paardenstallen en gezelligheidsonderkomens, 2200 kerken bezat het bisdom. Het duurde niet lang of Karel kon iedereen. De energieke bisschop haalde Capucijners, Jezuēeten en andere zielzorgers, besteeg ook zelf de kansel, hoorde biechten, zegende huwelijken in en las de mis. Langzaam keerden weer de toestand terug die men als christelijk kent. Dat werd hem niet altijd in dank afgenomen. Een monnik wiens orde geen zin had in strengere regels, pleegde een moordaanslag op Carlo terwijl hij in de kerk aan het bidden was., en de Spaanse gouverneur deed alles om de rustverstoorder kwijt te raken, vooral nadat de kardinaal enkele ‘openbare zondaars’ had laten arresteren – een vrijpostigheid met als doel de Spaanse inquisitie uit de stad te weren, waarvoor hij moest bewijzen dat hij zelf zijn mannetje stond. Ook veel gelovigen vonden hem een scherpslijper. Maar dat begon te veranderen toen hij zich tijdens een hongersnood in de schulden stak om voedsel te kunnen uitdelen, en hij won alle harten toen in 1576 de pest uitbrak. De gouverneur en alle bestuurders vluchtten de stad uit; Carolus daarentegen verplichtte elke priester, monnik en non te blijven teneinde de pestlijders bij te staan en gaf zelf dag na dag het voorbeeld. Dagelijks liep hij door de stad, als helper, verpleger, zielzorger en als boetende. De zijden tapijten vielen ten offer om kinderen te kleden. 16 000 mensen haalde de pest weg, maar de bisschop bleef die de zieken verpleegd en verzorgd had. Hij zou de ziekte in een marmeren zuil geband hebben waar het als buil zichtbaar bleef. Zodra de epidemie voorbij was, klaagde de gouverneur hem in Madrid en Rome aan wegens overtreding van gemeentelijke voorschriften, maar nu maakte de steun van het volk hem onkwetsbaar. Hoewel vermagerd tot een skelet, organiseerde hij nog een bijeenkomst van alle priesters in zijn bisdom, wat resulteerde in de stichting van een modern seminarie. Een maand na zijn zesenveertigste verjaardag verliet hem zijn kracht. Zijn dood voorvoelend kroop hij ’s nachts uit bed om op zijn stenen kamervloer te sterven; daar vond men hem in de ochtend van 4 november 1584.

Hij bevorderde vooral de oprichting van seminaria om een goede geestelijke stand te vormen en stichtte tehuizen voor verwaarloosde kinderen. Hij streefde een strenge ascese na, toonde grote onverschrokkenheid en opofferingsgezindheid tijdens de pest in 1576 waardoor zijn invloed geweldig toenam en door zijn maatregelen een groot gedeelte van het volk redde maar waardoor ook zijn krachten gesloopt werden. Hij werd in 1610 door paus Paulus V heilig verklaard.

Hij verschijnt in de regel in kardinaalsdracht of als aartsbisschop. Soms draagt hij een strik om de hals, de herinnering aan de boeteprocessies die hij telkens tijdens de pest door de stad liet voeren, kardinaalshoed; duif (Heilige Geest); terwijl hij de communie uitreikt aan pestlijders of aan de H. Aloysius van Gonzaga als kind.; biddend voor een kruis met een strop om de hals; door engelen gekroond een kruis vasthoudend; terwijl hij knielt voor het altaar, vuurt een moordenaar met een musket op hem. Ook zie je hem wel met gesel, boetedoening, een duif, de H. Geest. Vaak zie je hem geknield voor Maria of ene kruisbeeld. De schutspatroon van Milaan. Helper bij pest een aanstekelijke ziekten.

Hij is patroon van het bisdom Lugano; van prelaten, seminaristen, zielzorgers, van het Habsburgse huis, bibliotheken, de universiteit van Salzburg, omdat hij de onwetendheid onder de bevolking bestreed, de Borromaeusvereniging en de nonnencongregatie van St-Borromaeus; van christelijk onderricht en van werken die dit bevorderen; aangeroepen tegen de pest.

 

Uit www.catholiculture.org

4 november, Vitalis en Agricola van Bologna: ‘tot het leven behorend of levenskracht in zich hebben’, vgl. vitaal.

H. Agricola: Latijn, ‘landman of boer’. Volgens de legende een christelijke edelman uit Bologna die de latere H. Vitalis van Bologna in dienst had.

Ze waren martelaars uit de vroege christentijd, 304, te Bologna tijdens de vervolgingen onder de heerser Diocletianus om wier leven en sterven vele legenden ontstonden.

Agricolus die geliefd was vanwege zijn vriendelijkheid bekeerde zijn slaaf Vitalis en werden diep tot elkaar aangetrokken. Vitalis leed als eerste de marteldood en werd gedood in het amfitheater, met martelingen en vleierijen probeerden ze Agricola over te halen die uiteindelijk een kruisdood stierf. Beide martelaars werden in de Joodse begraafplaats begraven. St. Ambrosius en bisschop Eusebius van Bologna brachten hun overblijfsels naar een kerk. Ambrosius nam wat bloed, wat van het kruis en nagels naar Florence waar ze in een kerk geplaatst werden die opgericht was door de H. weduwe Juliana.

Ze worden meestal samen afgebeeld, Vitalis draagt meestal een knots met spijkers als martelwerktuig en Agricola een groot kruis waar hij aan werd genageld. De H. Agricolus is de schutspatroon van de nesten van ooievaars omdat ze zich vreedzaam om de kluizenaar verzamelden.

 

Uit www.szentimre.eu

4 november, H. Imre, (Emmerik, Henricus, Emeric, Emerick, Emmerich, Emericus of Americus): Germaans ermin, irmin uit ermena: ‘groot of geweldig’, of van amalric: ‘machtig in de strijd’, of van amra of amura: ‘verschrikkelijk’, en rik: ‘machtig’. Vooral in Hongarije werd deze naam in de vorm Imre populair door Szent Imre, 1007-1031, tweede zoon en de enigste zoon van koning Stefanus I van Hongarije de heilige en Gisela van Bavaria die volwassen werd. Hij is vernoemd naar zijn oom, St. Henry II. Hij kreeg een opleiding in een ascetische omgeving door de bisschap van Casana, St. Gerhard (St. Gellert)  van zijn vijftiende tot 23ste . Hij zou de volgende heerser van Hongarije worden en zijn vader schreef vermaningen om het om zijn taak voor te bereiden en wilde hem medeheerser maken in zijn tijd. Dat werd niet vervuld, hij is omgekomen door een ongeluk tijdens de jacht op 2 september 1031 door een beer. Dat zou te Hegykozszentimre geweest zijn dat nu Sintimreu heet. Hij is begraven in de Cisterce kerk te Szekesfehervar. Sommige wonderbaarlijke helingen en bekeringen gebeurden aan zijn graf zodat hij gecanoniseerd werd met zijn vader en bisschop Gerhard door paus Gregorius VII. Amerigo Vespucci werd naar St. Emeric genoemd en zo de Amerika’ s indirect.

Hij wordt in ridderkleding afgebeeld met kroon en lelie.

 

 

Uit aesaintsoftheday.blogspot.com

4 november, H. Perpetuus: Latijn perpetuus: ‘doorlopend, onafgebroken of bestendig (in liefde)’.

Perpetuus volgde de heilige Gondolfus op als 23ste bisschop van Maastricht in 586-589. Hij kiest Dinant als residentie en sticht er de kerk van St. Vincent en stierf in het jaar 620 te Dinant waar zijn relieken nog steeds in de kerk van Onze Lieve Vrouw worden bewaard. Beschermheer van Dinant.

De plant van de dag is de aardbeienboom Arbutus unedo.

 

 

 

 

 

 

 

Uit nl.wikipedia.org

4 november, Emmeric van Hongarije, (Emmeric, Emerich, Aimeric, Aymeric, Hongaars: Imre)

Geboren te Székesvehérvár, Hongarije, rond 1007 als zoon van Stephanus I van Hongarije  en de H. Gisela, zuster van keizer Hendrik II. Hij werd opgevoed door Gerardus van Csanad.  Hij overleed na een godvruchtig leven op 24 jarige leeftijd bij een jachtongeval, 2 september 1031. In 1083 werd hij heilig verklaard. Zijn feestdag is op 11 april, waarschijnlijk een omgekeerde datum 11 - 4 in plaats van 4 / 11)

Hij wordt afgebeeld met koninklijke gewaden al biddend voor een Maria altaar als verwijzing naar zijn visioenen van Maria met het kind Jezus. Verder een zwaard aan de gordel, witte lelie en een Hongaars schild.

 

 

 

 

 

 

Uit broerendebruijn.nl

4 november, Godebaldus was de 24ste bisschop van Utrecht. Godevaldus.

Een geboren Fries en werd bisschop door verkiezing, een zacht en godsdienstig man. Hij hervormde de abdij van Middelburg verjoeg de kanunniken omdat ze alles versmulden en verslempten en haalde Norbertijner monniken uit Antwerpen, deed verscheidene giften aan de Utrechtse kerken onder Utrecht een abdij gevestigd voor vrouwen en mannen die vanwege zijn strenge tucht de orde der kerker genoemd werd., Oostbroek. Verjoeg de priesters te Staveren omdat ze te wulps en ongebonden leefden en zond 12 monniken uit Oostbroek daarheen. In zijn tijd, 1122 of 1123 overleed Floris de vette, graaf van Holand. Petronella zijn weduwe, nam de regering waar voor haar zoon Diderik de zesde en liet bij haar kasteel Rijnsburg ter ere van de H. Maagd en van de martelaar Laurentius een abdij bouwen voor de geestelijke maagden van St. Benedictus die op 1121 op de dag van Maria’ s geboorte in september gewijd werd. (ze wilde van de inkomsten van de kerk goed te leven) Hij lijkt bij het concilie van Fritzlar aanwezig te zijn geweest. In 1123 heeft keizer Fredricus V Kerstmis te Utrecht gevierd waar toen een ruzie ontstond. Of Godebaldus schuldig was aan die ruzie die tussen de bedienden van de bisschop en de keizer ontstond of niet, werd schuldig bevonden aan de gekwetste majesteit en werd in de gevangenis geworpen waar hij bijna tot de dood van de keizer zat. Na betaling en voorspraak van voorname heren is hij vrij gekomen. Fredericus was met een machtig leger gekomen om de weerspannige Friezen tot reden te brengen, maar is in Utrecht gestorven. Zijn ingewanden zijn midden in het koor van de domkerk begraven waar ook zijn overgrootvader Konradus begraven was. Godebaldus werd steeds zieker en toen trok hij het monnikskleed aan te Oostbroek en is daar op 4 november 1128 overleden in grote heiligheid.

Hij heeft in 1128 enige bijzondere voorrechten aan de proost van West Friesland toegestaan.

 

Zie verder: http://www.volkoomen.nl/ en : http://volkoomenoudeherbariaenmedisch.nl/